Peugeot E-208 GTi: Kun je een GTi rijden met een stekker?

Snel rechtdoor kan elke EV. Maar durft deze Peugeot ook de bocht in te duiken?

by Evelin Dorssers-Frankenhout
Peugeot 208 GTi 2026

Mijn eerste herinnering aan een Peugeot heeft helemaal niets met GTi, vermogen of snelle rondetijden te maken. Mijn oma reed een gewone Peugeot 205 en als klein meisje zat ik regelmatig bij haar op de achterbank als ze me kwam ophalen om bij haar te gaan logeren.

De 205 is al lang verleden tijd en zijn opvolgers brachten ons uiteindelijk bij de 208. Dat model ziet er tegenwoordig heel anders uit dan de Peugeot van mijn herinneringen, zeker als er GTi achterop staat.

Toch wil Peugeot met de E-208 GTi iets terugbrengen van het sportieve gevoel waar die drie letters al decennialang voor staan. Of dat zonder benzinemotor lukt, in de Schotse Hooglanden? Ik zoek het voor je uit.

Looks

Peugeot heeft van de E-208 GTi geen rijdend reclamebord gemaakt. Geen enorme vleugel, geen overdreven spoilers en ook geen overdaad aan GTi-logo’s die me om de paar centimeter eraan herinneren dat ik niet in een gewone E-208 zit. Toch zie ik meteen dat er iets anders voor me staat. De E-208 GTi ligt lager op de weg, staat breder op zijn wielen en dankzij de uitgeklopte wielkasten oogt hij een stuk sportiever.

Ook de 18-inch velgen springen in het oog. Het ontwerp verwijst naar de bekende ‘gaatjesvelgen’ van de 205 GTi en is een knipoog naar vroeger zonder dat Peugeot er meteen een retro-auto van probeert te maken. Ook de kenmerkende rode accenten zijn subtiel gehouden. Ik vind ze onder meer rond de grille, wielkasten en natuurlijk op de remklauwen en de GTi-badges.

In de auto is het allemaal net iets roder. Rode veiligheidsgordels, rode stiksels en zelfs rood tapijt verwijzen naar de 205 GTi. Het compacte stuurwiel is bekleed met geperforeerd leder en Alcantara en ook de digitale schermen kregen een eigen GTi-thema. Genoeg hints naar vroeger dus, maar zonder dat ik het gevoel krijg dat Peugeot in 1984 is blijven hangen.

Comfort

Binnen zit ik in speciaal ontwikkelde sportstoelen met extra zijdelingse steun, die me prima in positie houden tijdens bochtige weggetjes, zal later blijken. Het compacte stuurwiel ken ik natuurlijk uit andere Peugeots, maar door het GTi-sausje voelt het hier net wat specialer aan.

Ondanks alle GTi-aanpassingen blijft het uiteindelijk gewoon een 208. Je hebt een bruikbare achterbank, bagageruimte (tot 1.118 liter met neergeklapte achterbank) en alle dagelijkse rijhulpsystemen die ik van een elektrische hatchback van nu verwacht. Dat is misschien wel belangrijker dan het klinkt, want de charme van de oorspronkelijke GTi’s zat natuurlijk ook in het feit dat je er op zondag lol mee kon trappen en er op maandag gewoon weer mee naar je werk reed.

Snelladen kan met maximaal 100 kW en van 20 tot 80 procent duurt volgens Peugeot minder dan dertig minuten. Niet bijzonder snel, maar waarschijnlijk ook niet het cijfer waarvoor je deze auto koopt.

Met de standaard Michelin Pilot Sport 4S-banden bedraagt de WLTP-actieradius maximaal 352 kilometer. Opvallend genoeg kun je zonder meerprijs ook kiezen voor Hankook Ventus S1 Evo3-banden en daarmee stijgt het bereik naar 375 kilometer. Een verschil van 23 kilometer door alleen al de bandenkeuze.

Drive

Dan het gedeelte waar het bij een GTi uiteindelijk om draait. De elektromotor levert 281 pk en 345 Nm, waarmee de E-208 GTi in 5,5 seconden van 0 naar 100 km/u sprint. Snel dus. Maar dat kunstje kunnen inmiddels genoeg elektrische auto’s. Een EV daadwerkelijk het gevoel van een GTi geven, is een ander verhaal.

Peugeot heeft daarom niet simpelweg meer vermogen in een E-208 gestopt. De vooras werd breder, het onderstel en de besturing kregen een andere afstelling en er kwam een mechanisch sperdifferentieel. Klinkt technisch, maar het idee erachter is vrij simpel: de bredere vooras zorgt ervoor dat de auto steviger op de weg staat, terwijl de aangepaste besturing en het onderstel hem scherper en directer moeten maken in de bochten. Het sperdifferentieel helpt vervolgens om die 281 pk ook daadwerkelijk op het asfalt te krijgen. Het verdeelt namelijk de kracht tussen de voorwielen, zodat niet één wiel alle grip verliest als je in een bocht flink op het stroompedaal gaat. Zeker met zoveel vermogen op de voorwielen is dat geen overbodige luxe.

En juist op de bochtige wegen in de Schotse Hooglanden merk ik wat al die aanpassingen doen. Zet de auto vanuit Comfort in Sport en de E-208 GTi verandert van karakter. Hij stuurt scherper, reageert directer en ligt vooral erg lekker op de weg. Ook als ik wat harder een bocht instuur en vroeg op het stroompedaal ga, blijft hij mooi zijn lijn volgen. Met 281 pk op de voorwielen had dat ook heel anders kunnen uitpakken.

Dat Peugeot werk heeft gemaakt van stevig doorrijden, merk je ook aan iets wat ik niet zie. De E-208 GTi gebruikt hetzelfde 54 kWh-accupakket als de reguliere E-208, maar Peugeot Sport paste de koeling en het batterijmanagement aan. Die moeten ervoor zorgen dat de lol niet ophoudt zodra ik de auto langere tijd op z’n donder geef. Want één keer 281 pk leveren is één ding, dat vermogen ook beschikbaar houden als ik een tijdje stevig doorrijd is minstens zo belangrijk.

Dan is er nog het geluid. In Sport voegt Peugeot een kunstmatig sportief geluid toe voor wat extra beleving. Leuk dat het erop zit, maar van mij had het best iets heftiger gemogen. Als je dan kunstmatig geluid toevoegt aan een elektrische GTi, mag je ook best een beetje overdrijven.

En dan blijft natuurlijk die ene vraag over. Kun je GTi rijden zonder benzinemotor? Nee en ja. Nee, omdat een EV nooit hetzelfde gevoel geeft als een GTi met uitlaatgassen. Ik mis het geluid, de handmatige versnellingen en dat terugschakelmoment voor een bocht. Maar ook ja. Want tussen alle EV’s die vooral heel goed zijn in hard rechtdoor gaan, heeft Peugeot serieus werk gemaakt van een E-208 die ook in de bochten leuk is.

Value for money

Met een vanafprijs van € 41.990 is de E-208 GTi natuurlijk geen koopje. Zeker niet nu het aanbod elektrische hot hatches langzaam groeit. De 281 pk sterke Opel Corsa GSE (€ 40.999) en Lancia Ypsilon HF met 280 pk (€ 40.950) zijn zelfs iets goedkoper. De Alpine A290 GT Performance met 220 pk (€ 42.400) en MINI John Cooper Works met 285 pk (€ 43.990) zitten juist iets hoger in prijs.

De verschillen zijn dus kleiner dan je misschien zou verwachten. De Peugeot is niet de goedkoopste en ook niet de enige die rond de 280 pk levert. Zijn meerwaarde zit wat mij betreft dan ook niet in een rekensommetje van euro’s per pk, maar in de manier waarop hij rijdt. Op papier ontlopen ze elkaar weinig, maar achter het stuur maakt de E-208 GTi het verschil.

Meer van FemmeFrontaal

We gebruiken cookies om de site te laten werken, het gebruik te analyseren en advertenties relevanter te maken. Accepteren Lees verder

Privacy & Cookies Policy