Er zijn van die auto’s waar iedereen een mening over heeft. De Fiat 500 is er zo één: “schattig”, “niet serieus” of “typisch een vrouwenauto”. Ik hoor het nog regelmatig. Het design is vriendelijk, compact, een klein beetje eigenwijs. Niet echt het type auto dat zichzelf op de borst klopt bij het verkeerslicht (mits het een Abarth is 😉). Maar misschien zit daar precies het probleem.
We zijn gaan geloven dat een auto pas telt als hij groot is. Of snel. Of op z’n minst een beetje intimiderend. Terwijl de Fiat 500 al jaren iets anders laat zien: dat klein ook gewoon… goed kan zijn.
Een label waar ik niets mee kan
Er is één ding aan de Fiat 500 waar ik me als autotester nog steeds over verbaas. Ik hoor het namelijk vaker dan me lief is: “Leuk, zo’n vrouwenautootje, wat voor jou?”. En elke keer denk ik hetzelfde: waar hebben we het eigenlijk over? Alsof auto’s voor een bepaald geslacht worden geproduceerd.
Ik geloof daar niet zo in. Net zoals ik het onzin vind om een auto “masculien” te noemen omdat er een dikke motor in ligt, of “vrouwelijk” omdat de auto compact en stijlvol is. Uiteindelijk koopt niemand een auto op basis van dat soort labels. Je kiest iets omdat het praktisch is, binnen je budget past en omdat wel of niet je smaak is.
De oorspronkelijke Fiat 500 was trouwens helemaal nooit een zogenaamde “vrouwenauto”. Zeker in Italië niet. Het was gewoon dé auto voor iedereen. Compact, betaalbaar, slim ontworpen, precies wat mensen nodig hadden. Hij werd net zo goed door mannen gereden als door vrouwen. Sterker nog: het idee dat een auto “voor vrouwen” zou zijn, speelde toen nauwelijks een rol. Hoe dat imago in Nederland ooit zo scheef is gegroeid, blijft voor mij een raadsel…

De hybrid: klein, maar fijn
De eerste keer dat je in een 500 stapt, elektrisch of hybrid, valt het meteen op hoe logisch alles voelt. Geen overdaad, geen ingewikkelde infotainment- en ADAS-systemen waar je eerst drie uur een handleiding voor moet lezen. Gewoon een auto die doet wat hij moet doen. En dat met een soort lichtheid die je in veel nieuwe auto’s kwijt bent geraakt.
In mijn review met de nieuwste hybride van de Fiat 500 schreef ik het al: “Dit is zo’n auto waar je zonder na te denken instapt en wegrijdt”. Geen gedoe, geen aanpassingstijd. Alsof je ‘m al jaren kent. En dat is precies de kracht van deze stadsauto. De hybride uitvoering brengt, na de 100% elektrische 500, daarbij iets terug wat we stiekem een beetje gemist hebben: flexibiliteit.

Geen laadstress, geen plannen rondom laadpalen, gewoon kunnen gaan wanneer je wilt. Maar dan wel met een (ietwat ronkende) zuinige aandrijflijn die precies genoeg doet zonder zich op te dringen. Niet spannend op papier, wel prettig in het dagelijks leven.
De elektrische versie: gemaakt voor la citta
De elektrische Fiat 500e maakt nog duidelijker waar deze auto voor bedoeld is. Dit is geen kilometervreter, eerder een ‘stadsmens’. Compact, wendbaar en makkelijk te parkeren, precies waar ze in uitblinkt. De range is niet zo eindeloos als een grote SUV, en de ruimte binnenin is beperkt. Maar dat voelt in een 500 minder als een tekortkoming en meer als een bewuste keuze.



In een van mijn eerdere tests (uit onder meer 2020) noemde ik het een auto met “glimlachgarantie”. En dat is misschien nog steeds de beste omschrijving. Niet omdat ze alles kan, maar omdat ze precies doet wat je nodig hebt, en dat verrassend leuk maakt.
Klein als statement
Wat de Fiat 500 eigenlijk doet, is iets wat weinig auto’s nog durven: zichzelf blijven. Ze probeert je niet te overtuigen dat je meer nodig hebt, ze laat zien dat minder ook genoeg kan zijn. Dat je geen vermogen van honderden pk’s nodig hebt om plezier te hebben. En dat “schattig”, of wat mensen daar dan ook onder verstaan, misschien helemaal geen zwakte is, maar gewoon een fijne vorm van zelfvertrouwen.
En misschien zit daar ook wel het vertrouwen in dat je uiteindelijk zoekt bij het kiezen van een auto. Niet alleen in hoe hij rijdt, maar ook in hoe lang hij dat blijft doen. Met tot 8 jaar garantie (of 160.000 kilometer) voelt die keuze ineens een stuk zorgelozer. Niet omdat het spannend is, maar omdat het rust geeft. En juist dat past eigenlijk perfect bij het karakter van de Fiat 500.
